Gevallen

  1. Saulus nu, die tegen de discipelen van de Heere nog steeds brieste van dreiging en moord, ging naar de hogepriester toe
  2. en vroeg van hem brieven voor Damascus, gericht aan de synagogen, opdat, als hij er enigen zou vinden die van die Weg waren, zowel mannen als vrouwen, hij die geboeid naar Jeruzalem zou brengen.
  3. En terwijl hij onderweg was, gebeurde het dat hij dicht bij Damascus kwam. En plotseling omscheen hem een licht vanuit de hemel,
  4. en toen hij op de grond gevallen was, hoorde hij een stem die tegen hem zei: Saul, Saul, waarom vervolgt u Mij?
  5. En hij zei: Wie bent U, Heere? En de Heere zei: Ik ben Jezus, Die u vervolgt. Het is hard voor u, met de hielen tegen de prikkels te slaan.
  6. En hij zei, bevend en verbaasd: Heere, wat wilt U dat ik doen zal? En de Heere zei tegen hem: Sta op en ga de stad in en daar zal u gezegd worden wat u moet doen.
  7. En de mannen die met hem meereisden, stonden sprakeloos, want zij hoorden wel de stem, maar zagen niemand.
  8. En Saulus stond op van de grond; en toen hij zijn ogen opendeed, zag hij niemand. En zij leidden hem bij de hand en brachten hem naar Damascus.
  9. En gedurende drie dagen kon hij niet zien, en at en dronk hij niet.

Caravaggio, De bekering van Sint-Paulus We hoorden over de spectaculaire bekering van Paulus, hier nog Saulus. Heb je daar een beeld bij? Misschien wel eens een schilderij gezien dat is blijven plakken in je geheugen? Ik zie een paard voor me, en een man daarnaast. Hij ligt op de grond, en er schijnt licht op hem. Zo is het ook vaak getekend.

Maar er staat niets over een paard, ik verbeeld mij dat. Misschien reisde Paulus inderdaad op een paard. Misschien wandelde hij, en viel hij gewoon. Hoe dan ook: de val was hard. Hij wordt geveld door God. De God die hij dacht te dienen. Hij was zo goed bezig, zo toegewijd. Die aanhangers van de weg, die mensen die meenden dat de naam van Jezus bij de Heer hoorde. Die moesten aangepakt worden. Godslasterlijk waren ze.

Nu valt hij zelf. Maar het is een genadige val. Want de Heer zelf openbaart zich aan hem. Er is een licht uit de hemel. Gods glorie omstraalt hem. Saul, Saul, waarom vervolgt u Mij? Wie bent u, Heer? Ik ben Jezus die u vervolgt. Denk je God te dienen, blijk je het tegendeel te doen. God grijpt in. Saulus was gevloerd maar moet nu opstaan. In dat licht: de heerlijkheid van God en Jezus. Geslagen met blindheid gaat hij mee met anderen. Deze bekering is fundamenteel en radicaal. Niet voor niets wordt ze drie keer verteld in handelingen. Deze Saulus wordt door God op een andere weg gezet.

God maakt door hem een weg. Hij is van plan om het goede nieuws naar de heidenen te brengen door deze halsstarrige man. Hij doet onverwachte dingen. Door een onvruchtbare vrouw geeft hij een zoon voor Abraham. Door een ten dode opgeschreven Israëliet een leider voor de uittocht. De door een maagd de geboorte van de verlosser. God zet mensen op de weg. En hij schenkt Saulus een nieuw zicht. Als de schellen van zijn ogen vallen laat hij zich dopen.

Deze bekering is pats boem. Zo wijzen we ze niet allemaal aan. God werkt op veel manieren. Soms ook langzamer. Maar hij doet wel omkeren. En dan ga je andere wegen bewandelen. Het vallen en opstaan van Saulus is herkenbaar. Ook als je al gelovig bent.

In het boek Kruispunt van de Amerikaanse schrijver Jonathan Franzen, wordt Becky, een populaire jonge vrouw die alles mee heeft, bekeerd. Hoe indrukwekkend ook: je hebt twijfels als je het leest. Heeft ze nou een Godservaring? Er zijn namelijk drugs in het spel. Het is ongemakkelijk voor de lezer, want je krijgt wel sympathie voor haar, in haar menselijkheid. En ze is nogal serieus over haar nieuwe geloof. Maar de twijfel wordt niet weggenomen. De wijze waarop ze op de weg gaat wandelen schuurt. Aan het einde van het boek, wil ze nog steeds het centrum van de aandacht zijn, en heeft ze een air van zelf rechtvaardiging en zelfgenoegzaamheid. Is ze over het paard getild, inplaats van er afgevallen? Het zijn vragen, want ook een bekeerling blijft een mens. Ze bied in ieder geval een spiegel. Wie zijn wij om te zeggen dat ze niet bekeerd is? Je hoopt alleen ergens dat ze zoals Saulus duurzaam binnenstebuiten gekeerd wordt. Dat er mensen zijn die haar bij de hand nemen.

Het roept ook de vraag op: Wat betekend het, God te ontmoeten in Jezus Christus, en op zijn weg gezet te worden? Heeft dat ook gevolgen voor hoe we leven? Welke schellen moeten er van onze ogen vallen om geloofwaardig te wandelen op de weg van het leven?